Goed nabuurschap ook primair in buitenlands beleid 2019 regering Bouterse

Goed nabuurschap ook primair in buitenlands beleid 2019 regering Bouterse

16-05-2019

 

Het buitenlands beleid van de regering Bouterse-Adhin heeft Suriname in de afgelopen periode een voordeel van rond de 83 miljoen US-dollar opgeleverd. Deze informatie deelde minister Yildiz Pollack-Beighle van Buitenlandse Zaken (BuZa) op dinsdag 14 mei in De Nationale Assemblee (DNA) tijdens de behandeling van de Staatsbegroting 2019.

De bewindsvrouw benadrukte dat het niet gaat om leningen, maar om voordelen uit overeenkomsten en samenwerkingsprogramma’s met andere landen, buitenlandse partners en internationale organisaties. “Dit komt neer op een rendement rond de 83 miljoen Amerikaanse dollar aan concrete projecten, activiteiten, dienstverlening, institutionele en capaciteitsversterking”, aldus minister Pollack-Beighle.

De BuZa-minister verduidelijkte verder dat het gaat om technische en financiële assistentie die voortvloeit uit dit soort overeenkomsten, die van de grond zijn gekomen in het dienstjaar 2018 en het eerste kwartaal van dit jaar. Recent zijn vier intentieverklaringen getekend met Ghana en één bilaterale overeenkomst met de Verenigde Staten.

De prioriteiten en geplande activiteiten van BuZa zijn gebaseerd op het programmatisch document van het Ontwikkelingsplan 2017-2021. Deze activiteiten worden door middel van een strategische planning uitgevoerd. Om de ontwikkelingsgebieden die het beste rendement zullen opleveren in kaart te brengen, is voor het dienstjaar 2019 een stakeholdersanalyse uitgevoerd. Dit vanwege de veelheid aan aandachtsgebieden en het brede karakter van het buitenlands beleid.

“Verder zijn er vele conceptovereenkomsten met derde landen. Deze zullen spoedig worden afgewikkeld, allemaal met het oog op het bereiken van de vastgestelde ontwikkelingsdoelen”, zei de bewindsvrouw. Het belang van dit soort internationale samenwerkingen en overeenkomsten, mag volgens haar niet worden onderschat. “Aangezien deze een solide basis zijn voor het aangaan van concrete projecten in de samenwerking met derde landen.”